Legaljuridisch naslagwerk
DORA

Artikel 33Taken van de lead overseer

02022R2554-20221227 · NL

33.1De overeenkomstig artikel 31, lid 1, punt b), aangestelde lead overseer oefent het oversight uit over de aangewezen kritieke derde aanbieders van ICT-diensten en is voor alle aan het oversight gerelateerde aangelegenheden het eerste contactpunt voor die kritieke derde aanbieders van ICT-diensten.
33.2Voor de toepassing van lid 1, beoordeelt de lead overseer of elke kritieke derde aanbieder van ICT-diensten over uitgebreide, deugdelijke en doeltreffende regels, procedures, mechanismen en regelingen beschikt voor het beheer van het ICT-risico dat hij voor financiële entiteiten kan inhouden.
33.2.al2De in de eerste alinea bedoelde beoordeling is voornamelijk gericht op ICT-diensten verleend door de kritieke derde aanbieder van ICT-diensten die kritieke of belangrijke functies of financiële entiteiten ondersteunt. Waar dat nodig is om alle relevante risico’s aan te pakken, wordt de beoordeling uitgebreid tot ICT-diensten die andere functies dan de kritieke of de belangrijke functies ondersteunen.
33.3De in lid 2 bedoelde beoordeling heeft betrekking op:
33.3.aICT-voorschriften om met name de veiligheid, beschikbaarheid, continuïteit, schaalbaarheid en kwaliteit van diensten die de kritieke derde aanbieder van ICT-diensten aan financiële entiteiten verleent, te garanderen alsook het vermogen om te allen tijde hoge normen inzake beschikbaarheid, authenticiteit, integriteit of vertrouwelijkheid van gegevens te handhaven;
33.3.bde fysieke beveiliging die tot de ICT-beveiliging bijdraagt, inclusief de beveiliging van gebouwen, faciliteiten en datacentra;
33.3.cde processen inzake risicobeheer, met inbegrip van het beleid inzake ICT-risicobeheer, het ICT-bedrijfscontinuïteitsbeleid en de ICT-respons- en herstelplannen;
33.3.dde governanceregelingen, met inbegrip van een organisatiestructuur met duidelijke, transparante en consistente regels inzake taakverdeling en verantwoording die doeltreffend ICT-risicobeheer mogelijk maken;
33.3.ede opsporing, monitoring en snelle rapportage van materiële ICT-gerelateerde incidenten aan financiële entiteiten, het beheer en de oplossing van die incidenten, met name cyberaanvallen;
33.3.fde mechanismen voor overdracht van gegevens en applicaties en interoperabiliteit, die een doeltreffende uitoefening van het beëindigingsrecht door de financiële entiteiten verzekeren;
33.3.ghet testen van ICT-systemen, -infrastructuur en -controles;
33.3.hde ICT-audits;
33.3.ihet gebruik van relevante nationale en internationale normen die van toepassing zijn op het verlenen van ICT-diensten aan de financiële entiteiten.
33.4Op basis van de in lid 2 bedoelde beoordeling en in overleg met het in artikel 34, lid 1, bedoelde gezamenlijk oversightnetwerk (JON) stelt de lead overseer een duidelijk, gedetailleerd en met redenen omkleed individueel oversightplan op met de jaarlijkse oversightdoelstellingen en de belangrijkste geplande oversightacties voor elke kritieke derde aanbieder van ICT-diensten. Dat plan wordt jaarlijks aan de kritieke derde aanbieder van ICT-diensten meegedeeld.
33.4.al2Voorafgaand aan de vaststelling van het oversightplan door de lead overseer, wordt het ontwerp van dat oversightplan aan de kritieke derde aanbieder van ICT-diensten meegedeeld.
33.4.al3Na ontvangst van het ontwerp van het oversightplan, kan de kritieke derde aanbieder van ICT-diensten binnen 15 kalenderdagen een met redenen omklede verklaring indienen met de verwachte gevolgen voor klanten die entiteiten zijn die buiten het toepassingsgebied van deze verordening vallen, en waar passend oplossingen formuleren om risico’s te mitigeren.
33.5Zodra de in lid 4 bedoelde jaarlijkse oversightplannen zijn vastgesteld en aan de kritieke derde aanbieder van ICT-diensten zijn meegedeeld, kunnen de bevoegde autoriteiten maatregelen met betrekking tot deze kritieke derde aanbieders van ICT-diensten alleen nemen in overeenstemming met de lead overseer.