Legaljuridisch naslagwerk
DORA

Artikel 46Bevoegde autoriteiten

02022R2554-20221227 · NL

Onverminderd de bepalingen voor het oversightkader voor kritieke derde aanbieders van ICT-diensten als bedoeld in hoofdstuk V, afdeling II, van deze verordening, wordt de naleving van deze verordening verzekerd door de volgende bevoegde autoriteiten, die handelen in overeenstemming met de bevoegdheden die hen bij de desbetreffende rechtshandelingen zijn verleend:

46.avoor kredietinstellingen en voor instellingen die krachtens Richtlijn 2013/36/EU zijn vrijgesteld: de overeenkomstig artikel 4 van die richtlijn aangewezen bevoegde autoriteit, en voor kredietinstellingen die overeenkomstig artikel 6, lid 4, van Verordening (EU) nr. 1024/2013 als belangrijk zijn geclassificeerd: de ECB overeenkomstig de bij die verordening aan de ECB verleende bevoegdheden en taken;
46.bvoor betalingsinstellingen (waaronder betalingsinstellingen die krachtens Richtlijn (EU) 2015/2366 zijn vrijgesteld), instellingen voor elektronisch geld (waaronder zij die zijn vrijgesteld krachtens Richtlijn 2009/110/EG), en aanbieders van rekeninginformatiediensten als bedoeld in artikel 33, lid 1, van Richtlijn (EU) 2015/2366: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 22 van Richtlijn (EU) 2015/2366;
46.cvoor beleggingsondernemingen: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 4 van Richtlijn (EU) 2019/2034 van het Europees Parlement en de Raad Richtlijn (EU) 2019/2034 van het Europees Parlement en de Raad van 27 november 2019 betreffende het prudentiële toezicht op beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijnen 2002/87/EG, 2009/65/EG, 2011/61/EU, 2013/36/EU, 2014/59/EU en 2014/65/EU (PB L 314 van 5.12.2019, blz. 64).;
46.dvoor aanbieders van cryptoactivadiensten met een vergunning op grond van de verordening betreffende markten in cryptoactiva en emittenten van asset-referenced tokens: de overeenkomstig de relevante bepaling van die verordening aangewezen bevoegde autoriteit;
46.evoor centrale effectenbewaarinstellingen: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 11 van Verordening (EU) nr. 909/2014;
46.fvoor centrale tegenpartijen: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 22 van Verordening (EU) nr. 648/2012;
46.gvoor handelsplatformen en aanbieders van datarapporteringsdiensten: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 67 van Richtlijn 2014/65/EU, en de bevoegde autoriteit als gedefinieerd in artikel 2, lid 1, punt 18), van Verordening (EU) nr. 600/2014;
46.hvoor transactieregisters: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 22 van Verordening (EU) nr. 648/2012;
46.ivoor beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 44 van Richtlijn 2011/61/EU;
46.jvoor beheermaatschappijen: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 97 van Richtlijn 2009/65/EG;
46.kvoor verzekerings- en herverzekeringsmaatschappijen: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 30 van Richtlijn 2009/138/EG;
46.lvoor verzekerings-, herverzekerings- en nevenverzekeringstussenpersonen: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 12 van Richtlijn (EU) 2016/97;
46.mvoor instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 47 van Richtlijn (EU) 2016/2341;
46.nvoor kredietbeoordelingsbureaus: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 21 van Verordening (EG) nr. 1060/2009;
46.ovoor beheerders van kritieke benchmarks: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig de artikelen 40 en 41 van Verordening (EU) 2016/1011;
46.pvoor aanbieders van crowdfundingdiensten: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 29 van Verordening (EU) 2020/1503;
46.qvoor securitisatieregisters: de bevoegde autoriteit als aangewezen overeenkomstig artikel 10 en artikel 14, lid 1, van Verordening (EU) 2017/2402.